Waarom een groen en klimaatbestendig Vlaanderen?

Het klimaat verandert en dat merken we ook in Vlaanderen aan alsmaar meer extreme weersomstandigheden. Soms kan het lokaal hard regenen. Tegelijk beleven we in de zomer vaak lange droge periodes. Het rioleringsstelsel is niet voorzien op hevige piekbuien waarvan de intensiteit alleen nog toeneemt. Het zou maatschappelijk en economisch ook niet te verantwoorden zijn om buizen aan te leggen die élke bui aan kunnen.

Een groene, klimaatbestendige inrichting van de publieke ruimte helpt overlast en schade door die buien te beperken. Bovendien is het aangenamer om in te wonen en te leven.

Ook de Vlaamse overheid steekt een handje toe. Via deze website reikt ze ruimtelijke strategieën en inspirerende voorbeelden aan uit eigen land en buitenland.

© pxhere.com

Klimaat

Minder verharding

Vlaanderen is dichtbebouwd. Grote verharde oppervlakten slorpen het zonlicht op en houden de warmte extra lang vast, zeker in een verstedelijkte omgeving. De klimaatopwarming versterkt dit nog.

Door verharding achterwege te laten waar ze niet strikt noodzakelijk is en door het aanleggen van groene daken, groene tuinen, greppels en vijvers, wordt regenwater vastgehouden. De directe omgeving warmt dan minder op. Meer groene elementen zoals parken, bomenlanen en wadi’s, verkoelen de ruimte en bufferen overtollig water. Bovendien zorgt meer beplanting ervoor dat de biodiversiteit en de kwaliteit van leven in de publieke ruimte toenemen.

© pxhere.com

Voorkomen wateroverlast

Regen

Het grootste deel van de publieke ruimte is grijs en verhard: voet- en fietspaden, straten, gebouwen en parkeerplaatsen. Bijna overal stroomt het regenwater af en wordt het verzameld in de riool. Als het hard regent, kan de riool de hoeveelheid regenwater niet aan en kan er water op straat komen te staan en zelfs de gebouwen instromen.

Bodem

Bij het klimaatbestendig inrichten van de publieke ruimte is het belangrijk om rekening te houden met de ondergrond. De eigenschappen van verschillende grondsoorten kunnen ervoor zorgen dat bepaalde maatregelen niet verstandig zijn. Zo laat droge zandgrond makkelijk water door en is deze uitermate geschikt om het water direct te infiltreren. Dichte, natte kleigrond kan geen vocht opnemen. Daardoor is kleigrond eigenlijk beter geschikt voor bovengrondse afvoer en buffering van regenwater in bijvoorbeeld een vijver.

Infiltreren van regenwater

Infiltreren is het laten wegzakken van water in de bodem. Dit natuurlijke proces wordt belemmerd door het grote percentage verharding in de vorm van voetpaden, straten, gebouwen en parkeerplaatsen in onze bebouwde ruimte. Deze oppervlakken laten geen regenwater door. Door de publieke ruimte te vergroenen, door verharding achterwege te laten waar ze niet strikt noodzakelijk is, kan er meer water in de bodem infiltreren. Dat komt de waterbalans ten goede.

Bufferen van regenwater

Groene daken, groene tuinen, greppels en vijvers en andere buffervoorzieningen houden het regenwater vast. Er ontstaat zo geen wateroverlast op straat en in gebouwen en het water kan gebruikt worden in droge periodes.

© pxhere.com

Water hergebruik

Vlaanderen kent de laatste jaren vaak periodes van extreem droog weer. Telkens wordt dan de beschikbaarheid van water in vraag gesteld. Nochtans is niet voor elke toepassing drinkwaterkwaliteit vereist. Optimaal gebruik maken van de verschillende beschikbare waterbronnen zal alsmaar belangrijker worden.

Er zijn verschillende potentiële bronnen van water die momenteel onbenut blijven.

Regenwater

wordt al vaak gebruikt voor toiletspoeling in woningen. Maar ook in de publieke ruimte loont opslag en gebruik van regenwater als duurzame oplossing om bijvoorbeeld groenvoorzieningen en sportvelden te sproeien.

Gezuiverd afvalwater

loopt na zuivering in een installatie van Aquafin normaal gezien naar een waterloop. Aquafin biedt dit zogenoemde effluent aan voor verschillende toepassingen die geen drinkwaterkwaliteit vereisen. Bedrijven kunnen het bijvoorbeeld gebruiken voor het spoelen van tankwagens of als koelwater. Als noodoplossing in lange droogteperiodes kunnen landbouwers het gebruiken voor de bevloeiing van akkers en velden. Ook steden en gemeenten maken er gebruik van voor het besproeien van sportvelden en het gieten van aanplantingen.

Particulieren kunnen bij Aquafin geen gezuiverd afvalwater aankopen. Het is namelijk niet geschikt voor menselijke consumptie. Het mag ook niet gebruikt worden waarbij direct menselijk contact mogelijk is, zoals voor sanitaire doeleinden (douche, toilet), het rechtstreeks besproeien van fruit, irrigatie van groenten die rauw worden gegeten, …. Je kan een lege waterput dus niet vullen met effluent.

Grijs water

afkomstig van douches en lavabo’s is ook geschikt voor toiletspoeling. Momenteel wordt het nog niet veel zo toegepast, maar mogelijk wordt het in de toekomst wel een belangrijke bron van waterhergebruik.

Verdroging beperken

Door de klimaatverandering regent het soms heel veel in korte tijd maar zijn er daarna ook weer langere periodes met heel weinig regen. De grond droogt dan uit en de grondwaterspiegel daalt. Ons drinkwater wordt deels uit grondwater geproduceerd. De bevoorrading kan met een de dalende grondwaterstanden in het gedrang komen. In kustgebieden kan een lage grondwaterstand verzilting van de bodem tot gevolg hebben. Droogte kan zelfs een negatieve invloed hebben op de biodiversiteit. Het is dan ook slimmer om zoveel mogelijk regenwater in de stad vast te houden voor de droge periodes.

© André Citroën

Beperken van hitte

Onze winters worden zachter en de afgelopen zomers beleefden we meer hittegolven dan gemiddeld. Een trend die volgens klimatologen nog zal doorzetten.

In een natuurlijke omgeving zorgen bomen en vegetatie voor schaduw en een lagere oppervlakte- en luchttemperatuur. Onverhard en beplant oppervlak verdampt water. Dit is de beste koeling voor de omgeving. Groene daken houden de gebouwen eronder en de omgeving koel. Daarnaast helpen ook lichte kleuren van daken, gevels en straten mee de publieke ruimte koel te houden. Lichte kleuren reflecteren meer zonnestraling en warmen daardoor minder op. Buitenzonwering houdt de huizen koel. Dit kost allemaal geen energie en is ecologisch en economisch beter dan het gebruik van airco’s.

© Monique Hoogland

Biodiversiteit versterken

De biodiversiteit (het aantal soorten) op aarde heeft zich ontwikkeld in miljoenen jaren. Door het ingrijpen van de mens zijn in de afgelopen 200 jaar al meer soorten uitgestorven dan in de 65 miljoen jaar daarvoor. Dit is niet alleen jammer maar het bedreigt ook onze kwaliteit van leven. Zo zijn de afgelopen jaren 70% van de insecten in Europa verdwenen. Vogels eten insecten en daarom zijn er nu ook minder vogels. Plagen zoals de eikenprocessierups kunnen zich makkelijk uitbreiden omdat ze minder natuurlijke vijanden hebben zoals de koolmees, pimpelmees en boomklevers. Insecten zijn ook heel belangrijk bij het bestuiven van onze gewassen: zonder insecten geen voedsel. Alles hangt met elkaar samen.

Natuur in de stad is geen tweederangs-natuur vergeleken met de natuur in agrarisch gebied. Integendeel, stadsnatuur is diverser dan het cultuurlandschap en vooral ook dichterbij. Verrassend toch, als je dacht dat natuur alleen op het platteland waardevol is en enkel daar biodivers is? Inmiddels leeft meer dan de helft van de mensen in de stad; dezelfde tendens lijkt te gelden voor flora en fauna.

Alsmaar vaker worden vossen, bevers en everzwijnen aangetroffen in openbare parken en in woongebieden. Wat maakt bewoonde omgeving zo aantrekkelijk en is er inderdaad meer leven?

Het blijkt dat de structuur met een afwisseling van hoog en laag groen en rotsformaties in de vorm van gebouwen, een diversiteit aan microklimaten genereert. Het gevolg is een evenredige diversiteit aan flora en fauna. Daarnaast is de voedselarmere bodem voor de verschillende planten gunstiger, vergeleken met die van agrarisch gebied. Minder verstoringen, minder snel rijdende auto’s en de aanwezige voedselresten zijn redenen dat woongebieden aantrekkelijk leefgebied voor dieren geworden zijn. De hogere temperaturen en meer beschutte plekken zijn ook gunstig voor flora en fauna.

×